Energie
In moderne kassen is energie geen randvoorwaarde meer, maar een productiefactor. Klimaat, licht, CO2 en water bepalen direct de opbrengst en kwaliteit van gewassen. "Energie is een integraal onderdeel van het verdienmodel. De kas is niet alleen de plek waar voedsel wordt geproduceerd, maar waar ook energie wordt geproduceerd, gebruikt, opgeslagen en verhandeld. Daarmee wordt voedselproductie economisch en strategisch relevanter."
Dit is geen theorie. Nederlandse glastuinbouwbedrijven sturen hun energieproductie en gebruik al jaren flexibel. Belichting en klimaatinstallaties worden aangepast aan prijsschommelingen op de energiemarkt. Op momenten van schaarste kan een kas minder verbruiken en zelfs elektriciteit terugleveren. Daarmee is de sector een belangrijke schakel in het energiesysteem. In een elektriciteitsnet dat steeds meer afhankelijk is van zon en wind groeit de behoefte aan flexibiliteit. Kassen kunnen die bieden doordat zij hun energiegebruik snel kunnen aanpassen.
Koploper
Volgens Prins loopt de Nederlandse sector voorop. Nederland benadrukt graag de economische waarde van hightechindustrie, maar ook de tuinbouw zet internationaal de toon. De combinatie van tuinbouwtechnologie, energie en voedselproductie maakt Nederland een benchmark voor de rest van de wereld.
Modern ondernemen
Deze veranderingen hebben impact op het ondernemerschap en dat is noodzakelijk, want de nieuwe generatie agri-ondernemers is schaars. Om de sector aantrekkelijk te maken voor jonge ondernemers is niet alleen technologie nodig, maar ook perspectief op een financieel gezonde onderneming. Moderne kassen zijn complexe systemen waarin teelt, tuinbouwautomatisering, energiebeheer in de kas en data-analyse samenkomen. “Vroeger draaide een bedrijf op ervaring en gevoel. Vandaag sturen ondernemers, naast teeltkennis, op data over energie, klimaat en productie. Dat maakt hun bedrijfsvoering efficiënter, voorspelbaarder, duurzamer en rendabeler.”
Die voorspelbaarheid is cruciaal, ook voor financiers. In veel landen blijft toegang tot kapitaal een obstakel, mede omdat voedselproductie afhankelijk is van levende planten en dus risico’s kent. Data en technologie maken die risico’s beter inzichtelijk.
Naast schaalvergroting ontstaan samenwerkingen van telers die investeren in duurzame energie zoals warmtenetten en geothermie, maar ook in distributie, logistiek, veredeling en gezamenlijke verkoop. Dat verlaagt kosten en maakt nieuwe businessmodellen mogelijk. “Voedselproductie wordt steeds meer een ecosysteemvraagstuk. Optimaliseren vanuit meerdere bedrijven heeft voordelen. Het gaat om hoe energie, technologie en productie samenkomen. Juist daar ontstaan nieuwe verdienmodellen”, aldus Prins.