Energiedoek: op tijd schakelen
“Het is belangrijk om het energiedoek op tijd te sluiten,” begint Kevin. “Je kunt het langer openhouden om de laatste zonnestralen mee te pakken. Maar in de namiddag daalt de buitentemperatuur al snel. De uitstraling kan dan zo hoog worden dat je meer energie verliest dan dat er binnenkomt.”
Door tijdig te reageren op een koudere lentenacht voorkom je onnodig energieverlies. Een uitstralingssensor kan daarbij extra inzicht geven. Op het weerstation meet deze sensor hoeveel energie de kas verliest. Zo kun je sneller en nauwkeuriger bepalen wanneer het energiedoek dicht moet.
Het gaat niet alleen om temperatuur, maar vooral om energiebalans. Door daarop te sturen, houd je controle over je kosten én je klimaat.
Tijdelijke instellingen: flexibel anticiperen
Voor juist dit soort voorjaarsdagen zijn tijdelijke instellingen bijzonder krachtig.
Met tijdelijke instellingen pas je instellingen tijdelijk aan, tot maximaal 23:59 uur vooruit. Je kunt kiezen uit vier momenten per dag en een eindtijd instellen. Daarna wordt automatisch de oorspronkelijke instelling hersteld.
Dit helpt je om:
- Te anticiperen op een verwachte koude nacht
- Tijdelijk eerder je energiedoek te sluiten
- Je temperatuurstrategie kortdurend aan te passen
- Watergift of bevochtiging tijdelijk bij te sturen
De tijdelijke instelling is zichtbaar onder de drie puntjes in Priva Operator.

Let op: je kunt waarden zoals tijd of temperatuur aanpassen, maar een instel tabel is niet aanpasbaar.
Zo speel je flexibel in op wisselende omstandigheden, zonder je volledige strategie structureel te wijzigen.
Wortels: sterk de nacht in
Vooral vruchtgroentetelers moeten scherp zijn op het moment van stoppen met watergeven.“Wanneer je te lang doorgaat met watergeven, ga je met een nat substraat de nacht in terwijl het gewas weinig opneemt,” legt Kevin uit. “Door op tijd te stoppen, komt er ’s nachts voldoende zuurstof in het wortelmilieu. Dat is essentieel voor sterke wortels richting de zomer.”
Een PIM-systeem (Precision Irrigation Management) kan hierbij een belangrijke rol spelen. Dit systeem meet continu het plantgewicht en de hoeveelheid drainwater, waardoor extra inzicht ontstaat in hoe het gewas daadwerkelijk met water omgaat. Door te monitoren hoeveel water de plant opneemt en wat het drainpercentage is, kun je nauwkeuriger bepalen wanneer je moet stoppen met gieten. Zo voorkom je zuurstoftekort in het substraat en stimuleer je een actief en gezond wortelgestel.
Bevochtiging: voorkomen van druppelvorming
Sommige vruchtgroente- en Phalaenopsistelers verhogen actief de luchtvochtigheid. Dat vraagt extra aandacht in de namiddag. Wanneer de instraling afneemt en de temperatuur in de kas begint te dalen, neemt namelijk ook het risico op druppelvorming toe.
Met behulp van metingen en tijdelijke instellingen kun je hier goed op anticiperen. Zo kun je bevochtiging bijvoorbeeld eerder uitschakelen wanneer de temperatuur snel daalt, zodat het vocht voldoende tijd heeft om te verdampen en niet op het gewas condenseert.